subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link
subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link
subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link
subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link
subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link
subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link
subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link
subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link
Repertoriumsite en français

Geneesmiddel gebruikt bij hypercortisolisme (Cushing)

 

Specialiteiten met:
Trilostane

Indicaties
De behandeling van zowel hypofyse- als bijnierschorsafhankelijke hypercortisolisme (Cushing) bij de hond.
Farmacodynamie
Trilostane is een inhibitor van 3-beta-hydroxysteroïddehydrogenase dat een essentiële rol speelt in de steroïdsynthese van ondermeer cortisol. De inhibitie is reversiebel en dosisgebonden. Trilostane inhibeert ook de synthese van aldosteron. Het effect van trilostane op de gonadale steroïdproductie is slechts van belang bij hogere doseringen.
Farmacokinetiek
Bij de hond wordt trilostane goed, zij het wisselvallig, geabsorbeerd na orale toediening. De maximale serumconcentratie wordt bereikt na 1,5 – 2 h. De bijsluiter raadt aan om de medicatie toe te dienen samen met voedsel. Trilostane heeft een korte werkingsduur. Dit zou volgens sommige publicaties een verklaring kunnen zijn waarom een aantal honden niet reageren op de aanbevolen dosering in één toediening per dag. Trilostane wordt gemetaboliseerd in de lever tot onder andere het actieve ketotrilostane. Trilostane heeft een hogere therapeutische index dan mitotan. De startdosis wordt aangepast afhankelijk van de resultaten van regelmatig uitgevoerde ACTH-stimulatietesten (resp. 10 d, 4 weken en 12 weken na het starten van de therapie en daarna alle 3 maanden). De startdosis die in de bijsluiter opgegeven wordt, is hoger dan de startdosis die door de Vetoryl Consensus Meeting (Amsterdam) wordt aanbevolen (zie Folia Veterinaria 2008 nr 1).
Contra-indicaties
Behandeling van dieren die lijden aan een primaire leveraandoening en/of nierinsufficiëntie; of van honden met een gewicht van minder dan 3 kg.
Bijwerkingen
Trilostane wordt relatief goed verdragen door de hond, bijwerkingen komen relatief zelden voor. Symptomen van een iatrogeen hypoadrenocorticisme, met zwakte, lethargie, anorexie, braken en diarree, kunnen zich voordoen. Deze symptomen verdwijnen meestal na het opschorten van de behandeling. Acute crisis van de ziekte van Addison (collaps) kan zich voordoen. Er zijn geïsoleerde meldingen geweest van adrenale necrose bij behandelde honden, wat kan leiden tot hypoadrenocorticisme. Een subklinische renale disfunctie kan evolueren naar een nierinsufficiëntie na behandeling met dit middel. Een subklinische arthritis kan evolueren naar een symptomatische arthritis door de gedaalde concentraties van endogene corticosteroïden. Een beperkt aantal gevallen van plotse dood tijdens de behandeling werden gemeld. Andere lichte, zeldzame bijwerkingen zijn ataxie, hypersalivatie, zwellingen, spiertremor en veranderingen van de huid.
Interacties
Kaliumsparende diuretica (bijv. spironolacton) dienen te worden vermeden omdat trilostane door zijn inhiberend effect op de aldosteronsynthese, hyperkaliëmie kan veroorzaken. De werking van ACE-inhibitoren kan worden versterkt. Andere moleculen met een reducerend vermogen op de cortisolspiegel (mitotane, ketoconazol, aminogluthemide) versterken het effect van trilostane met mogelijk hypoadrenocorticisme tot gevolg (zie ook “Voorzorgen bij het gebruik”).
Voorzorgen bij het gebruik
Aangezien de meeste gevallen van hypercortisolisme voorkomen bij oudere honden, is het belangrijk om de aanwezigheid van primaire leveraandoeningen en nierinsufficiëntie voor en tijdens de behandeling na te gaan (zie contra-indicatie). Gelijktijdige aanwezigheid van diabetes mellitus vereist een specifieke behandeling. De bijsluiter raadt aan om bij patiënten die eerder met mitotane werden behandeld een interval te respecteren van ten minste een maand tussen het stoppen met mitotane en het starten met trilostane. Een nauwlettende opvolging van de bijnierfunctie wordt aangeraden gezien honden gevoeliger kunnen zijn voor de effecten van trilostane na een behandeling met mitotane. Bij honden met een vooraf bestaande anemie kan een verdere vermindering van de hematocriet en van de hemoglobine optreden. Trilostane kan de synthese van testosteron verminderen en heeft anti-progesteron eigenschappen. Vrouwen die zwanger zijn of zwanger willen worden, moeten het aanraken van de capsules vermijden. De inhoud van de capsules kan irritatie en overgevoeligheid van de huid en van de ogen veroorzaken. De capsules mogen niet gedeeld of geopend worden.
Voortplanting en lactatie
Niet gebruiken bij drachtige of zogende teven of bij fokdieren.

Trilostane

VETORYL 10 mg (Dechra Veterinary Products BV) - Bijsluiter via HMA -
trilostane: 10 mg
capsules po met het voeder
Posologie:
Ca: startdosis 1 x 6 mg/kg pd
vervolgens dosis aanpassen volgens respons
caps 3 x 10
R/
VETORYL 30 mg (Dechra Veterinary Products BV) - Bijsluiter via HMA -
trilostane: 30 mg
capsules po met het voeder
Posologie:
Ca: startdosis 1 x 6 mg/kg pd
vervolgens dosis aanpassen volgens respons
caps 3 x 10
R/
VETORYL 60 mg (Dechra Veterinary Products BV) - Bijsluiter via HMA -
trilostane: 60 mg
capsules po met het voeder
Posologie:
Ca: stardosis 1 x 6 mg/kg pd
vervolgens dosis aanpassen volgens respons
caps 3 x 10
R/

Haut de page

 

 

© BCFI - project diergeneeskunde

BCFIvet
Inhoud site | Het B.C.F.I. | Contact | Inleiding | Disclaimer
subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link
subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link
subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link
subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link
subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link
subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link
subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link
subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link